Historie van de straat Hegge

Door buurtbewoner Paul Potten werd bij het 40-jarig jubileumfeest van de buurtvereniging Hegge in 2001 een boekje uitgebracht onder de naam “In gedachten langs Haeg en waeg”. Hieronder volgt een deel uit dat boekje, over de geschiedenis van Hegge.

 

De Buurtvereniging

Vooreerst wil ik even ingaan op het belang van een buurtvereniging. Als we het woord opzoeken in Van Dale zien we als verklaring: “Een vereniging van bewoners van een stadsbuurt voor het organiseren van feesten, sportwedstrijden en voor het behartigen van gemeenschappelijke belangen” Dit laatste typeert inderdaad een buurtvereniging. Groeperingen als deze sterven langzaam uit. Wie heeft er immers nog tijd voor anderen? We weten perfect wat er zich afspeelt aan de andere kant van de wereld, maar zelden hebben we notie van het wel en wee van onze buren. De maatschappelijke waarde die van een buurtvereniging uitgaat, wordt vaak onderschat, doch niemand anders is in staat om de samenhorigheid van een gemeenschap te bevorderen en in stand te houden. Mijn grote interesse in het “streekgebonden heem” was tevens aanleiding iets op papier te zetten met betrekking tot de “buurtschap Hegge” waartoe buurtvereniging Genèk behoort. Ik begin dan ook meteen met de bewering dat Genèk de oudste buurtvereniging van de zes kerkdorpen van de gemeente Schinnen is! Ik zal proberen U mee te nemen, zonder te veel in herhaling te treden met eerder gepubliceerde gegevens, naar een tijd waar nog geen sprake was van stromend water of elektriciteit in ons dorp. Al vanaf het begin van de mensheid wordt de geschiedenis bewaard door overlevering, hetzij mondeling of schriftelijk. Dit gegeven geldt eveneens voor onze buurt Hegge, ik wil U dan ook geenszins een uitdrukking onthouden van een oud-inwoner. Hij sprak ooit de gevleugelde woorden:

“Wat höbs tich aan enne aerpelsjtroek es te neet wits wat ‘r aanhingk”
(“Wat heb je aan een aardappelstruik als je niet weet wat er aanhangt”)

Langzaam maar zeker verdwijnt veel interessante informatie. Het is daarom wenselijk dat wij nu noteren wat nog bekend en leesbaar is en opsporen wat nog vindbaar is!

 

Geschiedenis

Oud burgemeester H. Pijls van Schinnen schreef in 1920 het volgende in zijn boek: “Bijdrage tot de geschiedenis van de Voormalige heerlijkheid Schinnen” dat de naam Hegge in de wandel “Genhek” genoemd wordt. De betekenis van Hegge is “haegh”, klein bos. De Heggerweg is de oudste verbindingsweg tussen de dorpen Schinnen en Spaubeek. Deze zorgt voor de scheiding tussen de vochtige weilanden en de hoger gelegen landbouwgronden. Al vroeg is het gehucht Hegge bekend, wat bewezen is door verschillende al lang verdwenen, met grachten versterkte hoeves. Gelukkig markeren nog een paar grote hofsteden het straatbeeld, afgewisseld met kleine gerenoveerde boerderijtjes. Volgens zijn testament van 29 november 1288 bezat Goblis van Schinnen, kanunnik van de St. Pieterskerk te Luik, in Hegge een landgoed met vijvers. Hegge telde in 1761 117 inwoners. Op 31 december 1858 134 inwoners met 33 huizen. Einde december 1920 177 inwoners met 29 huizen.

 

Boerderijen

Hoeve Helgenborg te Hegge lag aan de doorgangsweg naar Spaubeek. In 1450 woonde er Cleuskens van Aiche, in 1755 Dirck Cremers. De hoeve was groot 26 bunder [1].

Hoeve Strijthagenhof te Hegge groot 26 bunder, lag aan de Noordoostzijde langs de spoorzijde, in de weide van de familie Geurts. In het Dagblad De Limburger 19-8-2000 wordt een melding gemaakt met de titel: “Geheim verzonken kasteel Strijthagenhof in Schinnen ontrafeld.” De restanten van de burcht onder de spoorlijn liggen bij de Amerikaanse legerbasis. Student Karel Pesch uit Beek kwam het kasteel uit de 12 eeuw per toeval op het spoor tijdens een restauratieonderzoek over hoeve Ten Dijken.

Hagensleen te Hegge is één van de markantste hoeves met een historisch verleden. Deze markante uitstraling is nog elke dag aanwezig midden in onze buurtschap. De enorme witte voorgevel van de boerderij valt voor de voorbijganger eigenlijk niet te missen. Zonder de overige grote boerderijen tekort te willen doen, zal ik het Hagensleen met al haar gekende leenmannen en huidige bewoners omschrijven.
Halverwege buurtschap Genèk vinden we op nummer 67 een grote hofstede die volgens oude archieven en leenregisters “Hagensleen” wordt genoemd. De hofstede of hoeve heeft een voorgrondbreedte van 33 meter en dateert uit de 15e eeuw. De naam Hagensleen is bij de bewoners van Hegge niet bekend; men spreekt van “bie Eggen”, doelend op de familie Eggen die de hoeve sinds 1931 in eigendom heeft. De naam Hagensleen dankt deze hoeve aan het feit dat de familie Hagens, die oorspronkelijk uit Spaubeek stamt, al vanaf 1450 op deze hoeve woonde. De hoeve was vermoedelijk een “leengoed [2]” van de Heren van Schinnen.
In de linkerzijgevel van de witte hoeve bevinden zich twee grote wagenpoorten, die aansluiten op de steile veldweg die vlak langs de boerderij loopt. De naam Steenbergweg voor deze veldweg, vind ik persoonlijk zeer toepasselijk. Hier en daar ziet men de kiezel nog aan de oppervlakte komen in de glooiende akkers die zich uitstrekken achter de imposante hoeve en doorsneden worden door de veldweg.
Volgens oude kadasterkaarten en leggers is de ontginning van een “kiezelkoele” in 1863 stopgezet die direct achter deze hoeve was. In dit verhaal wil oud burgemeester H. Pijls trachten u een inzicht te geven over de bewoners die vanaf +/- 1500 tot heden de hoeve bewoonden. Tevens hoop ik met deze bijdrage dat het Hagensleen onder deze naam meer bekendheid krijgt bij bewoners van ons dorp en omstreken, zoals ook andere monumentale boerderijen in onze gemeente. (oa. Biezenhof, Stammenderhof, Mahovenhof, Hoeve-Krekelberg en Diederenhof). Oudburgermeester H. Pijls van Schinnen schrijft in zijn boek “Bijdrage tot de geschiedenis van de Voormalige heerlijkheid Schinnen” in 1929 blz. 170 en 225 dat het Hagensleen “vermoedelijk” niets anders is geweest dan de hoeve bewoont door de burgermeester J. Diederen te Hegge, afstammend van de familie Hagens.
Verderop in mijn verhaal zal ik aangeven, dat dit vermoeden terecht was. In het leenboek van Schinnen, op het Rijksarchief te Maastricht (inventaris. nr. 2101 akte 37 Land van Overmaas) vermeldt de stadhouder Fredericus Hagens op 29 januari 1708, dat de leenmannen van het Hagensleen oa. waren:

  • Heijntgen Hagens ca. 1450 (leenman)
  • Jan Hagens (leenman)
  • Willem Wagemans 1504 (leenman)
  • Claes Limpens 1536 (leenman)
  • Willem Wolffs1580 (leenman)
  • Rencken Bottelier 1610 (leenman)
  • Gercken Hartmans (leenman)
  • Goswing Fabritius 1665 (leenman)
  • Peter Limpens (leenman)
  • Mevis Hagens 1708 (leenman)
  • Melchior Diederen ca. 1750 (eigenaar)
  • Bartholomeus Diederen (eigenaar)
  • Jan Mathijs Diederen (eigenaar)
  • Renier Sebastiaan Diederen 1867 (eigenaar)
  • Jan Weusten 1907 (pachter)
  • Joseph Eggen 1931 (eigenaar)
  • Willie Eggen 1967 (eigenaar)

 


Luchtfoto van Het Hagensleen te Hegge, deze hofboerderij stamt uit de vijftiende eeuw.
Is tevens de oudste boerderij in Hegge. Thans bewoont door Willie Eggen, die samen met zijn
vrouw Bertha op het ogenblik een veeteeltbedrijf uitoefent. 

 

Hegge gekenmerkt I

Bakoven
In vroegere jaren vond men op de Zuid-Limburgse dorpen vrijwel bij iedere boerderij van enige betekenis een bakoven, die dan werd aangeduid met “d‘n aove”, “‘t sjtaokes”, ‘t bakhoes of kortweg “‘t bakkes”. De grote bakoven van het Hagensleen stond rechts ver genoeg in de zg. “hoeswei” verwijderd om brand te voorkomen. In 1939-40 werd deze grote bakoven annex schuur en weide, die eigendom was van Matheu Hautvast verkocht aan Jozef Snackers, ongehuwd en inwonende bij zijn zuster Odillia gehuwd met Frans Haerden. Maria Buysers- Haerden weet te vertellen dat deze grote bakoven twee ovens had. De linker, die het grootst was, werd gebruikt om broden te bakken, de kleine rechter deed dienst voor het bakken van de witte “weck” aansluitend de “Zondag- of kermisvlaai”. Het bakken gebeurde in die tijd ook voor de “Naoberburen”. “‘t Bakkes” met afdak deed later dienst als schuur voor het opbergen van landbouwwerktuigen en kippenstal. Nog later werden op deze plaats in 1966 de “twee – onder – een kap” huizen gebouwd van de families Jan Eussen-Segers en Theo Segers-Diederen.


Grote bakoven afgebroken in 1966 tijdens het bouwen van twee woningen van de  fam. Jan Eussen en Theo Segers.

Waterput
Links op de binnenplaats van het Hagensleen bevindt zich een waterput die niet meer in gebruik is sinds de komst van de waterleiding. Vroeger was dit anders. Alle drink- en huishoudwater moest door middel van een pomp met handkracht naar boven worden gehaald. Volgens Willie Eggen dateert de put uit de tijd rond 1920. We hebben de put opgemeten en geconstateerd dat er ruim 3,5 meter water staat in de vijf meter diepe put. De inwendige ronde doorsnede is 1,50 meter, samengesteld uit gestapelde betonnen ronde buizen. Enig rekenwerk leert dat de put 6300 liter helder water bevat, waarmee 630 emmers te vullen zijn. Met gebrek aan water zullen de vroegere bewoners wel nooit te kampen hebben gehad. Wandelend door de boerderij krijgt men een beeld van de grote omvang van de hoeve, maar ook van de vele verbouwingen, die misschien noodzakelijk waren voor de voortzetting van het bedrijf.

Brikkenoven
Achter het Hagensleen bevond zich een zand- en kiezelgroeve. Deze delfstoffen zullen zeer zeker gebruikt zijn om de veldbrandstenen te bakken in de “veldoven” aldaar ten behoeve van het Hagensleen, gezien dit in die tijd vrij normaal was, als men ter plaatse over de benodigde delfstoffen kon beschikken.

 

Iets over de sage en legende

Dat de bewoners van Hegge in vroegere jaren ook een sage en legende kenden en ze levend hielden kunnen we afleiden uit een onderzoek, opgeschreven door H. Nijssen, inwoner van Schinnen, en oud burgemeester H. Pijls. Gezien deze legende zeer zeker ook betrekking had op ons dorp en in het bijzonder voor de jeugd in de buurt van Nagelbeek en Hegge. Ook mevr. Maria Buysers – Haerden, geboren en getogen in Hegge, met een gezegende leeftijd van 9 kruisjes en 1 jaar, weet zich nog te herinneren van een “verdwenen kasteel” bij Hegge. Het was in de tijd dat er diverse voetpaden liepen vanuit Hegge door de beemden naar het achter liggende “Brookland – Zwartekoel”. De huidige spoorlijn was er nog niet, even min de huidige Stationstraat. Het was in een periode dat alles nog omgeven was met enige zweem van bijgeloof, aangewakkerd door terugkerende oorlogen en in een latere periode door rondtrekkende bendes.

Bokkenrijders
Nog later werden dit de Bokkenrijders. Ook Hegge heeft zijn Bokkenrijders gekend, in bewaarde processtukken en archieven zijn hun namen vermeld. Oudburgemeester H. Pijls schrijft in zijn boek “Bokkenrijders Met De Dode Hand” dat de hierna genoemde Bokkenrijders afkomstig waren uit Hegge. Rick de Wit, Lemmen B., Dirck C, Dirk Cr. Daem H. Hendrick W, Corst en Joes Kl. (4-5 Maart 1750). Verder de gewelddadige inbraak te Puth, waar ze aan deelnamen (straatje bij Hendrick. Petri). Pijls is ook degene die in De Maasgouw van 1890, blz. 54, schrijft over gevonden funderingen van een oud middeleeuws gebouw te Hegge onder Schinnen.

Vanuit dit “kasteel” laten we u meeleven in deze sage en legende. Tussen de siroopfabriek Canisius en de AFCENT-basis in de voormalige mijnschacht 4 ligt het Borgerbroek. Een moerasbos dat door weinigen betreden wordt. Niet alleen omdat de bosrand met zijn braamstruiken en brandnetels nu niet bepaald uitnodigend is, maar ook omdat men dieper in het bos de weg moet weten, want anders zou men wel eens een nat pak kunnen oplopen. Of misschien helemaal niet meer terugkomen, want in dit bos ligt de “brulput” en daar “verzuip je in”. Dat is drijfzand en als je daarin zit, kom je er nooit meer alleen uit. Dus blijf daar weg ! Zo waarschuwden de bezorgde ouders hun kinderen. Maar dat was niet het enige, wat zij over de brulput vertelden. Nee. “Vroeger heeft hier een kasteel gestaan, want het zakte heel langzaam weg in het drijfzand. Nu en dan borrelt er nog iets op uit de diepte en hoor je de put brullen.” Vandaar de naam “brulput”, die later geassimileerd werd tot “brölpöt”. Soms werd zelfs een reden gegeven: er lag een vloek op, omdat de bewoners ervan een onzedig leven gevoerd zouden hebben. Als straf zonk het daarom met man en muis weg.

Borgerbroek
Het gebied rond het Borgerbroek heeft in de loop der eeuwen nogal wat veranderingen ondergaan. Op de kabinetkaart uit 1771-1778 houdt de Veeweg op bij het huidige Breijenrode en begon weer bij de Heisterhof. De Stationstraat was er nog niet. Wel een zandweg, die naar het gehucht Oude Kerk Spaubeek boog, thans Borgerweg. In 1896 werd de spoorlijn die achter Hegge loopt geopend.- In 1930 volgde het mijnspoor Geleen- Hoensbroek. De mijnschacht 4 veranderde het gebied definitief: waar in de 16e eeuw bruinkool in de ‘swerte cuijlen’ (zwarte kuilen) gewonnen werd, kwam nu een steenkolenmijn. Langs de siroopfabriek door loopt een paadje naar het huis Gerards. Vroeger reden hier karren met graan dit paadje af dat gemalen werd in de molen van Terborg.

 


Gezichtbepalende mijnschacht 4 uit 1959 achter Hegge, gesloopt juni 1997.
Dit voormalige mijn terrein wordt nu gebruikt als militaire NAVO Basis.

Van links kwam een paadje, dat vanuit Hegge begon, het liep langs de boerderij Pelzer, tegenover Coumans. Bij het aanleggen van de autoweg werd de ingang van dit voetpaadje Knalleveldje verlegd. Deze weg wordt ook beschreven door oud-burgemeester H. Pijls in zijn boek uit 1928 (pag. 174) “lopende uit de Heggerstraat langs (Cals schuur) later Hautvast en Coumans over het spoor, voorbij de verdwenen hoeve ‘t Broeck.In de Maasgouw van 1890” schrijft H. Pijls, dat hij op de Broekerweide een opgraving gedaan heeft.


Vakwerkschuur te Hegge eigendom fam. Cals, later M. Houtvast.
Schuur storten op een zondagmorgen in, najaar van 1967. 

Ook hij kende het verhaal van het verdwenen kasteel en zegt, dat de sporen van vijvers in de beemden zichtbaar waren. Bij het uithaken van een boomstam trof men een brok mergel tussen de wortels aan. Dat was de aanleiding tot de opgraving. Men vond een stevig fundament van mergel, tot bij 7mtr. In dit vierkant trof men mergel, bakstenen, houtskool, gebroken aardewerk, een hoefijzer en een deurhengsel aan. Eronder was een kelder van 5 voet diep. Deze had een houten vloer, die verrot was. In de bocht van de wei vond men -1 voet diep een zeer harde laag kiezel en verder een schenkel, die uit elkaar viel, toen men hem opraapte. Onder dit bot vond men een klein geglazuurd potje van Keulse aardewerk. De houtskool en de bovenste laag bruinrode aarde wees erop, dat het geheel waarschijnlijk door brand vernield is. In 1260 bezat Gablion van Schinnen, leraar aan Saint Martin, in deze omgeving een groot landgoed met boerderij omgeven door bossen. In zijn testament van 1 Dec. 1288 vermaakt hij zijn goederen aan het klooster van Sint Gerlach, zijn veestapel aan zijn dienster Gertrude, zijn paard aan zijn knecht Winand en aan zijn dochter het meubilair. Het klooster van Sint Gerlach had tot aan de Franse Revolutie 1791 in haar bezit. In 1890 heeft men in Genek fundamenten terug gevonden, die waarschijnlijk toebehoord hebben aan het kasteel van deze Goblion van Schinnen.

Bron: Publications Historique et Archelogque Dans Le Limbourg 1934
Uitgaven Historie Schinnen nov.1985 door Hub Nijssen, inwoner van Schinnen.

 

Cafés & Winkels te Hegge

Hegge heeft diverse café ‘s en winkels gekend:

  • Bie Jupke Beaujean (later Leike van Goossens) huis no: 7
  • Bie  Hubert Meijers tonnen maker (later Servaes (Vuiske van de) Meijers) huis no: 11
  • Bie Frans ( Frenske van) Haerden- Snackers. café en levensmiddelen huis no: 16
  • Bie Jan Heuts-Waltmans. café en levensmiddelen huis no: 29 (1926)
  • Bie Laurens Geurts, bierbrouwerij thans bewoont door Jo Croussen.Maria Buysers – Haerden oud 91 jaar en haar boer Jozef (Zefke) Haerden oud 84 jaar, beide geboren en getogen in Hegge, vertelde me dat hun ouders Frans Haerden en Odillia Snackers café en winkel hadden met etens grut. In de week overdag was het café gesloten alleen als “eene boetedörpse” overdag binnen kwam werd het vat aangeslagen. In de winter kaartten daar de “mansluuj” in de keuken. ’s Zondags werd gekaart in de “goeikamer” die dienst deed als gelagkamer. Het bier werd per kan verschonken of verkocht, pas later kwam er een tap. Hun vader Frans kocht in 1904 de boerenwoning van de fam. Otten.

Twee jaar later zien we dat Gemeente Schinnen op 18 maart 1906 een vergunning verstrekt aan F. Haerden voor de verkoop van alcoholhoudende dranken, andere dan sterke drank. In 1927 werden de vruchtenzolder en een waskeuken aangebouwd aan de linkerzijde, aldus Jozef die in 1954 nadat zijn ouders 50 jaar gehuwd waren en tevens 50 jaar op de boerderij woonden deze over nam. In 1942 werden het café en winkel gesloten.

 
Oude boerderij van Frans Haerden te Hegge, thans fam. P. Berkers 

 


Winkel van Bertha van Heuts te Hegge afgebroken ca. 1970. Haar vader Jan Heuts
had op deze plaats een café, vergunning hiervoor werd verleend op 29-9-1926.
Bertha huwde met Hub Waltmans, haar zoon Jan bouwde later op deze plaats een woning.

Bierbrouwerij
Op huisnummer 143 woont de familie J. Crousen-Vaessen. Deze is vanaf 1958 eigenaar van de grote hofboerderij. De omlijsting van de getoogde ramen met hardstenen onderdorpels zijn in Jugendstil opgetrokken. Boven deze ramen zijn met gekleurde bakstenen versieringen aangebracht. De familie oefent er een veeteeltbedrijf uit. In deze boerderij, die voorheen in het bezit was van de familie Geurts, was een bierbrouwerij. Het oude brouwershuis met de moutketel achter de woning en de onderliggende bierkelders te samen van 15 bij 6 mtr. die doorlopen tot onder de huidige hoeve zijn nog aanwezig. De zijkanten zijn opgetrokken uit mergelblokken, het “ton” gewelf is gemetseld met oude veldbrandstenen.

De fam. Geurts brouwde het bier onder haar eigen naam. De eigen biernaam stond vermeld op de grote eiken biertonnen. De huidige moutlepel en bierhaam van destijds bevinden zich nog op de hoeve. Met deze eiken bierhaam werden destijds de biertonnen door twee personen op de schouders gedragen en verplaatst. In het brouwershuis is nog een eigen waterbron aanwezig. Het bronwater wordt uit een diepte van 12 meter opgepompt en nog steeds gebruikt. Tonnen met bier werden met paard en een speciale bierwagen door Frans Haerden en de overbuurman van Laurens Geurts, Jan Heuts naar de omliggende dorpen en cafés tot in Maastricht gebracht. Deze laatste had ook café‘s en een levensmidelenwinkel in Hegge.


Bierbrouwerij Geurts te Hegge, nu bewoont door de familie Jo Croussen.

 

Oude voetpaden/wegen

De Heggerdorpstraat draaide vroeger bij de grens van Spaubeek met een grote bocht naar links langs de fam. Erkens. Vanuit Hegge liep langs Hoeve Ten Dijken een voetpad naar de Oude Kerk in Spaubeek. Tot de afbraak van de parochiekerk Sint-Laurentius in 1837 te Spaubeek, gingen de buurtbewoners uit Hegge aldaar naar de kerk. In 1774 bevatte de parochie Spaubeek ook een gedeelte van Hegge. Op deze plaats staat nu de voormalige kerkhofkapel St. Anna uit 1865. Vele kerkgangers kwamen over een verhoogde weg door de zompige beemden naar de “Oude Kerk”.Door de spoorlijn uit 1896 is de “kerkweg” verdwenen naar de Oude Kerk te Spaubeek. (Bron: De Nuutsbaeker 10e jgr nr.4 dec. 1984)Verder liep er een voetpad langs de verdwenen boerderij H. Snackers (thans huis Kivit) over de autoweg door het “Brookland” richting molen Ter Borg.- Het voetpad ook wel tien bunder paadje genoemd, tussen J. Schouteten en J. Haerden bestaat nog voor een gedeelte, en later niet meer toegankelijk. In 1931 lieten de fam. Haerden en Rouschop gezamenlijk dit voetpad als oprit verbreden, gelijktijdig met het bouwen van een woning door Pascal en Helena Rouschop, die in 1934 verkocht werd aan Sjeng Schouteten, die rechts van de woning onder de bestaande schuur een elektrische graanmolen met graankelder liet aanleggen.
Heggerdrift
Hiermee bedoelen we het paadje bij het wegkruis van de fam. Engwegen. Deze drift werd gebruikt om het vee tussen de bestaande boerderijen naar het achterliggende grasland te kunnen brengen. Zogenaamde “Veedrift”.

 
Zogenaamd 'langkopgevel huisje' uit de achttiende eeuw, was bewoond door Jan en Trautje Meulenberg foto gemaakt in 1985. Later verbouwd door de fam Hay en Danielle Linssen zij gaven aan het verbouwde huis de toepasselijke naam ‘t Heggerhuuske. Op het braak liggende terrein ernaast stond vroeger de boerderij van de fam. Snackers, die in 1970, werd afgebroken.  

Zwartpaadje
Knalleveldje, ook wel Zjwartpaedje genoemd, dankt zijn namen aan het feit dat het paadje uitkwam bij een afgelegen café. (huis Gerards). In de volksmond werd een afgelegen café ook wel “Knal” genoemd. De naam werd later Zwartpaadje door het feit dat het bestrooid werd met zwarte sintels van de cokesbatterijen DSM. De originele benaming is Heggervoetpad sinds de asfaltering in 2001.


Boerderij van Hubert, Lieske en Marieke Pelzer, broer en zusters ongehuwd. Op de poort hangt te koop. In 1987 verbouwd/opgeknapt door Frits Oensel. in opdracht van de familie A. Meijers.

 

Hegge gekenmerkt II

Elektrische graanmolen in Hegge
Als men sprak “bie Sjeng en Mai Schouteten” wist eenieder dat men bedoelde het huis met de elektrische graanmolen. Aan de rechterkant op de voorgevel van het molenhuis stond immers: Graan Meel en Kunstmesthandel J. Schouteten-Monissen. Broer en zus Pascal en Helena Rouschop, bouwden samen in 1931 deze woning op de weide van Matheu Hautvast uit Hegge. De woning werd in 1934 verkocht aan de familie J. Schouteten. Ze waren op dat moment pachter op de watermolen te Heisterbrug.De familie Schouteten liet in 1935 te Hegge aldaar een elektrische graanmolen bouwen rechts naast de woning, die halverwege 1960 buiten bedrijf werd gesteld. De vrijkomende ruimte werd later bij de woning getrokken. Op huisnummer 89 woont nu de familie J. Buskens-Schouteten.

Bron: Annie Notermans-Schouteten.

“Eerste” gemotoriseerde SRV melkhandelaar te Hegge
“Het was mijn moeder Maria Gertrudis Weusten, die ervoor gezorgd heeft dat ik als jonge jongen met mijn vader de melkroute meeliep, ik was goed 14 jaar oud”. Aldus de heer Jan Eussen gehuwd met Theodora Segers (Doortje) als hij vertelt over zijn werk als melkventer in zijn “jeugdjaren”. “Toen mijn ouders pas getrouwd waren, werd de melk per karretje achter de fiets bij de mensen thuis bezorgd. Later heeft mijn vader Zef een oude bakkerswagen gekocht en deze omgebouwd tot melkwagen. Na de oorlog konden mijn ouders nog één melkroute overnemen van een andere collega uit ons dorp die overleden was. Gezien deze uitbreiding waren twee paarden met melkkarren nodig.

Per week werd ca. 300 ltr. volle “losse”melk gevent. Daarnaast werd Goede boter, Liscoop boter en later nog Blue Band verkocht te samen met stukken kaas en “gestempelde” eieren. Een liter volle melk kostte 17 cent, de winstmarge was ca. 8¾ cent bruto per liter. De losse melk werd in melkbussen vervoerd, zomers koel gehouden door natte dekens. Melkflessen zijn pas later gekomen.

Als ik me goed kan herinneren, zijn we in 1963 voor ons zelfs begonnen nadat ik de route van mijn ouders al had overgenomen. Als melkhandelaar moest ik bijna dagelijks de route Hegge, Nagelbeek, Nutherweg, Breinder, Stationsstraat richting Terborg maken. Mijn paard dat deze route blindelings wist kreeg steeds op een vaste plaats bij een klant een snee bruin brood. Op een maandagmorgen toen de vrouw des huize achter de woning de was aan het ophangen was liep mijn paard dat ongeduldig was geworden pardoes de oprit op en stak zijn hoofd door de keukendeur naar binnen; niet rekening ermee houdende dat achter hem nog een melkkar kwam. De hele buitendeur van de keuken werd hierdoor beschadigd. Later hebben we er nog hartelijk om kunnen lachen.

In de winterdag was het soms afzien vooral als het glad was ook moesten dan vooraf de ijzeren pennen ingedraaid worden in de hoefijzers, voordat je de weg op kon. In 1971 waren we de eersten in ons dorp, die begonnen te venten met een SRV-auto. Mijn vrouw Doortje deed thuis de administratie, zorgde tevens dat het “lege flessen goed” keurig uitgesorteerd in de melkkratten retour gestuurd konden worden. We hebben samen altijd met plezier ons werk kunnen doen mede door een fijne klantenkring. In 1977 hebben we de melkroute met de SRV auto verkocht aan een jongere ondernemer binnen ons dorp om het wat rustiger aan te kunnen doen. Aldus Jan.


Jan Eussen als melkventer op de bok, zijn zuster Mia en paard Fanny
bij de oude school in de Dorpstraat te Schinnen ca. 1950

IJzeren wegkruis bij de Heggerdrift te Hegge (ca. 1914)
Het wegkruis van Hegge mag niet ontbreken in de historie van Genèk. Dit gietijzeren kruis staat op de splitsing Heggerdrift en Heggerstraat, in de nabijheid van de herbouwde woonboerderij van de familie Engwegen. De heer Zef en mevrouw Engwegen vertelden dat hun grootvader Michael Engwegen had beloofd, dit wegkruis uit dankbaarheid te plaatsen als zijn gezin gespaard zou blijven van het oorlogsgeweld en als zijn zoon Jan Hendrik die in verband met de eerste wereldoorlog wasgemobiliseerd, behouden terug zou komen. Michael Engwegen ging het kruis halen met de geleende bierkar van de familie Geurts die in Hegge een bierbrouwerij had. Ene mijnheer Bronneberg heeft erna de plaatsing van het kruis in 1914 later een lindeboom bij geplant. Deze lindeboom wordt ieder jaar weer netjes ingesnoeid door de familie Engwegen, die ook voor het onderhoud van het kruis zorg draagt Op maandagavond 16 oktober 1989 werd het kruis voor de eerste keer vernield, gelukkig werden de jeugdige daders gegrepen. De Limburger maakt hier een melding van in hun krant op 18 Oktober.

   
Het wegkruis aan het Heggerdrift te Hegge. In huidige staat (2003) en vernielde staat (1989).

 

Bewaarschool aan de Hettekensweg en Lindeweg te Hegge (1968-1978)

 
Kleuters van Hegge, Nagelbeek en Breinder in 1968 die op de oude kleuterschool zitten in Schinnen en naar hun nieuwe kleuterschool zullen gaan als deze geopend zal worden op 24 april 1968 aan de Hettekensweg te Nagelbeek tesamen met hun juffrouw roos Simon.

Links naar rechts achterste rij: Theo Meijs, Josje Meijs, Herietje otten, Miriam Driessen, Guido Janssen, Harold Janssen, Mathie Langen, Karin Meijers, Dennier Damoiseaux, Martha Vrouwenraets, Jef Simon.
Middelste rij: Marlou Janssen, Martie Janssen, Monique Henssen, Tonnie Otten, Carla Henssen, Jos Heuts, Jos Didden, John otermans., Frank Heinen, Kittyde Jongh.
Voorste rij: John Dieteren, Maurice Janssen, Silvia Damoiseaux, Miranda Fober, Ellen Janssen, Jan Hermens, Karin Engwegen, Fonnie Notermans, Hennie Heuts, Gonde Pisters, Rob Heinen.
Om te voorkomen dat iedere dag moeders uit Hegge en Nagelbeek met kleine kleuters op de fiets naar de kom van Schinnen hun kinderen door het steeds drukker wordende verkeer moesten brengen en halen naar en van de bewaarschool, werd in 1968 aan de Hettekensweg een houten schoolgebouwtje als bewaarschool neergezet waar de kleuters van Hegge, Nagelbeek, Breinder en Nutherweg heen konden gaan. Het semi-permanente gebouw werd ontworpen door de N.V. Jongen uit Schaesberg die ook de werkzaamheden uitvoerde. Het gebouw koste ruim F 63.000,- terwijl de grond die gekocht werd van een particulier F 25.000,- voor neergeteld moest worden. Voor zandbakken, inrichting en rekken nog eens F 10.000,- De een klassige school zal voorts kunnen beschikken over diverse bergruimten, een grote hal (bij slecht weer speelplaats voor de kleuters), toiletten en een keukentje.
De nieuwe kleuterschool aan de Hettekensweg werd geopend op 27 april 1968. Door uitbreiding van het regionale stort werd de Hettekensweg te gevaarlijk door de vele toe en afvoer van de dagelijkse vuilnis- auto‘s, voor de kleuters die de bewaarschool aldaar bezochten. Binnen enkele jaren werd deze weer gesloten en werd in 1973/1974 een nieuw houten bewaarschooltje geopend aan de Lindeweg in Hegge. De Hettekensweg werd de nieuwe toegangsweg naar het regionale stort en was te gevaarlijk geworden door het toenemende vrachtverkeer voor de schoolgaande kleuters aldaar.
Kleuters van Hegge
De hieronder genoemde lijst van kinderen zijn allemaal kleuters wonende te Hegge die op een van beide bewaarscholen gezeten hebben. Juffrouw Simon heeft jaren les gegeven aan de kleuters van de bewaarschool aan de Hettekensweg. Jammer genoeg moest zij te vroeg door gezondheid redenen het over laten aan anderen. Het schoolgeld bedroeg F5,- per kind in de maand. De toegestane leeftijd moest zijn 3 jaar en 9 maanden. Na de sluiting van de bewaarschool aan de Hettekensweg zijn de kinderen einde 1973 aan de Lindeweg te Hegge naar de bewaarschool gegaan. De grond aldaar om een schooltje te bouwen werd in bruikleen afgestaan door de eigenaar Hubert Bruls. De kosten van het nieuw te bouwen schooltje kwam voor rekening van het Gewestelijke Regionale Stort.

De kleuterschool aan de Lindeweg te Hegge werd einde schooljaar in 1978 gesloten. Nadat in Schinnen op 16 september 1978 een nieuwe grote bewaarschool was geopend en geïntrigeerd werd met de St. Dionysiusschool.

Kleuters van Hegge, Nagelbeek in de kleuterschool aan de Hettekensweg in 1973 met hun juf Roos Simon.

Eerste rij: Anja Rouland, Jana Schneider, Nicole Dumartheau, Marion Pelzers, Silvia Eggen, Marion Dortangs, Connie Beckers, Robbie Bouwmens, Rudi Dortangs, Roy Eussen, Roger Jacobs, John Habets.
Tweede rij: Juf. Simon, Eddie Ubachs, Jean Pierre Henssen, Miriam Croussen, Monique Zweiphenning, John Alofs, Geert van Abel, Jantje Dela Haye, Luc Hazelier, Yvonne Habets, Sandra Segers, Jeannie Jacobs, Rinus Schneiders.
Derde rij: Jose Fober, Jolan Henssen, Lousi Peusens, Cecile Cijpers, Frans Nevels, Jeannie Rauland, Jannie
Otten, Jos Houben, Rene Ubachs, Gerrie Otten, Rene Habets, Fietje Hermens.

 

Hulpkerkje
Het houten gebouwtje aan de Hettekensweg werd later een noodkerkje, ik moet eindelijk zeggen hulpkerkje, voor de oudere mensen en gehandicapten van de hierboven genoemde buurtschappen.
We gaan gezamenlijk terug naar de jaren zestig. Het was al jaren lang een opgesloten wens in de harten van de vele oudere buurtbewoners Nagelbeek, Nutherweg, Breinder en Hegge om hun zondagsplicht te kunnen vervullen in hun buurtschap. Vooral voor de oudere mensen, was de zondagsplicht gezien de lange afstand per voet naar de kerk in Schinnen een hele opgave.

Zeker dertig jaar geleden, toen de meeste oudere mensen nog geen auto hadden. In het vroege voorjaar van 1964 worden de eerste besprekingen gehouden met het kerkbestuur en Gemeente Schinnen om te komen tot het stichten van een zelfstandige parochie in de Buurtschappen Nutherweg, Nagelbeek, Breinder en Hegge.

Het zou nog verschillende jaren duren eer de eerste H. Mis opgedragen zou worden in deze buurtschappen. In een 30 jaar oude notulen van het jaar 1968 vinden we het volgende vermeld: Omtrent de plannen om in het buurtschap een H. Mis op te dragen heeft de Zeer Eerwaarde Heer Deken van gedachten gewisseld met de besturen van Hegge, Nagelbeek en Nutherweg, in aanwezigheid van de heren Jan Kamps, Zef Otten en Mich. Damoiseaux leden van het actiecomité.
Deze bespreking werd gehouden op vrijdag 22 maart 1968 ten huize van laatstgenoemde te Nagelbeek. Besloten werd om een algemene vergadering te houden op zondagmiddag, 7 April 1968 in de zaal de Engel, waar de Zeer Eerwaarde Heer Keulen de plannen betreffende de opening van de nieuwe kleuterschool alsook de zondagsviering nader zal toelichten. Op 4 Mei 1968 werd de eerste H. Mis opgedragen door Deken Jan Keulen en kapelaan Ben Gorissen.

De eerste kleuterschool aan de Hettekensweg voor de buurtschappen zou spoedig feestelijk geopend worden. Er werd vastgesteld en overeengekomen dat voor de oudere mensen iedere zaterdagavond een H. Mis opgedragen zou worden in het nieuwe schoolgebouwtje aan de Hettekensweg. De buurtbewoners verplichten zich dat zij iedere zaterdag een gedeelte van het schooltje zodanig zouden inrichten dat er een H. Mis kon plaats vinden. Er werd een actiecomité gevormd die een collecte hield in de buurtschappen, hiervan werd het huidige bestaande orgeltje van betaald. Het (leegstaande) schoolgebouwtje aan de Hettekensweg werd /is een ideale plaats voor het houden en dienst te doen als noodkerkje.

 

Levende kerststal
In de jaren1982 en 83 werd in het hulpkerkje een levende kerststal gehouden met echte schapen en een klein Jesuskindje. Kinderen van Hegge en oudere inwoners beelden het kerstgebeuren uit en verzorgde twee dagen lang tijdens de kerstdagen dat er een Kerst-in gehouden kon worden. Deze opbrengst was bestemd voor het onderhoud van het gebouw.

 

Brand
Zaterdagavond 6 Nov. 1993 na de H.Mis brak er brand uit in het hulpkerkje. De brandschade bedroeg ruim F 17000,- Oorzaak onbekend.

 Noodkerkje aan de Hettekensweg, opgeknapt na brand in 1991.

 

Kerkbestuur Hulpkerkje
Buurtbewoners vormden gezamenlijk een kerkbestuur. Nu ruim 30 jaar later zorgt dit team geheel belangeloos tot op de dag vandaag dat alles reilt en zeilt. Zij waren het ook gesteund door de vele beurtbewoners die er weer de schouders onder zetten na de brand in 1993 dat het hulpkerkje in alle ere weer hersteld werd. Men mag vaststellen dat het gezamenlijk vieren van een H. Mis iedere zaterdagavond voor vele oudere mensen in onze buurtschappen ook een sociale betekenis heeft. Nu ruim dertig jaar geleden kunnen zij nog steeds terug komen op een plaats waar iedere zaterdagavond de oudere buurtbewoners elkaar ontmoeten en fijn is om gezamenlijk met onze priesters de zondagsplicht te vervullen. Het kerkbestuur van het Noodkerkje Hettekensweg is de Zeer Eerwaarde Deken J.Schreurs erkentelijk dat hij al direct vanaf zijn benoeming kenbaar heeft gemaakt, zolang hij het kan samen met de Eerwaarde heer kapelaan B. Gorissen bereidt is om iedere zaterdagavond met de oudere buurtbewoners hier samen te komen om de zondagsplicht te vervullen.

Inmiddels valt te zeggen dat sinds 1 januari 2008 (bron: LOO TV) dit hulpkerkje niet meer als dusdanig gebruikt wordt. Het beheer en het onderhoud kostte teveel inspanning. Daarnaast was het gebouw aan renovatie toe na 40 jaar van dienst.
Het gebouw heeft op het moment van schrijven (2011) geen invulling maar ligt wel nog steeds op de locatie aan de Hettenkensweg.

 

Wat alles zoal kostte rond 1900

  • Paar klompen: 38 cent
  • Knijptang: 95 cent
  • Wesjbraet (wasbord): 45 cent
  • Zaagvijl: 14 cent
  • Houten eggentand: 6 cent
  • Värkenstrog: 65 cent
  • Houten trap (per trit): 1.10 gld.
  • Doodskist maken: 14 gld.
  • Haar knippen: 4 cent
  • Melkstoel: 48 cent
  • 0,5 liter lampenolie: 8 cent
  • 10 nieuwe bronkpalen: 9 gld.
  • Sjörkar: 8 gld.
  • Puthaam: 80 cent

Bron: rekeningboek van Batholomeus Meijers.

 


Nogmaals te vermelden dat bovenstaande tekst en illustraties afkomstig zijn uit het, door Paul Potten geschreven “In gedachten langs haegh en waeg”. Uitgegeven aan o.a. onze bewoners met het 40-jarig bestaan van Buurtvereniging Hegge